Naar de inhoud

EU-vlootdoelen: gemiddelde CO₂-uitstoot over 2025–2027

Verordening 2025/1214 voert een gewogen beoordeling over drie jaar in. Doelstellingen en gegevensplichten blijven gelden.
19 juni 2025 in
EU-vlootdoelen: gemiddelde CO₂-uitstoot over 2025–2027

Het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie hebben Verordening (EU) 2025/1214 op 17 juni 2025 ondertekend; op 19 juni is zij in het Publicatieblad bekendgemaakt. Voor nieuwe personenauto's en lichte bedrijfsvoertuigen wordt de naleving van de CO₂-doelstellingen voor 2025 tot en met 2027 niet langer definitief per jaar beoordeeld, maar gemiddeld over de gehele periode van drie jaar. De emissiedoelstellingen zelf blijven ongewijzigd.

Behandelde stand: 19 juni 2025. De verordening is bekendgemaakt en treedt op de twintigste dag na de bekendmaking, op 9 juli 2025, in werking. De nieuwe berekening geldt uitsluitend voor 2025 tot en met 2027. Fabrikanten krijgen geen rapportagepauze van drie jaar: jaargegevens en nieuwe registraties blijven nodig voor de weging.

Een naar nieuwe registraties gewogen driejaarswaarde is beslissend

Een fabrikant moet ervoor zorgen dat zijn gemiddelde specifieke CO₂-emissies over 2025 tot en met 2027 niet hoger zijn dan zijn specifieke emissiedoelstelling voor die periode. De jaargemiddelden worden gewogen naar het aantal voertuigen dat in elk kalenderjaar nieuw is geregistreerd. Ook de doelstelling wordt berekend uit de jaarlijkse specifieke doelstellingen en de bijbehorende registraties.

Een betere prestatie in het ene jaar kan daardoor een slechtere prestatie in een ander jaar compenseren. Het aantal en de samenstelling van de registraties beïnvloeden echter de uitkomst. Verkoopplanning, voertuigmix en CO₂-gegevens moeten over alle drie de jaren op elkaar worden afgestemd en controleerbaar worden vastgelegd.

De doelstellingen worden niet verlaagd

De wijziging betreft de berekening van de naleving, niet de emissie-eisen van Verordening (EU) 2019/631. Een fabrikant krijgt meer tijd om prestaties tussen jaren te compenseren, maar geen algemene verlaging van zijn doelstelling. De driejaarsbeoordeling kan afwijkingen opvangen, maar kan een ongunstige ontwikkeling ook tot het einde van de periode laten doorwerken.

Eén prognose volstaat daarom niet voor de interne planning. Fabrikanten moeten registraties, geëlektrificeerde modellen, voertuigen met verbrandingsmotor en lichte bedrijfsvoertuigen in verschillende scenario's doorrekenen. Wijzigingen in introductiedata, vraag of leveringscapaciteit kunnen de gewogen uitkomst aanzienlijk veranderen.

Pooling blijft mogelijk en de termijnen voor overeenkomsten worden verlengd

Voor ieder jaar waarin een fabrikant deel uitmaakt van een pool, worden de gemiddelde jaaremissies en de jaarlijkse doelstelling van die pool in de driejaarsberekening opgenomen. Poolingovereenkomsten voor 2025 of 2026 mogen, in afwijking van de eerdere termijn, tot en met 31 december 2027 worden gesloten.

Een poolingbesluit raakt dus meer dan één afzonderlijk jaarcijfer. Partners hebben regels nodig over gegevens, registratieprognoses, kosten, zekerheden en de gevolgen van uittreding of een gewijzigde modelplanning. De verlengde termijn vervangt geen tijdige beoordeling van geschikte partners en commerciële voorwaarden.

De bijdrage wegens overtollige emissies en leveringsovereenkomsten blijven relevant

De Europese Commissie moet een bijdrage wegens overtollige emissies opleggen aan een fabrikant van wie de gemiddelde specifieke emissies over de drie jaren hoger zijn dan zijn doelstelling voor 2025 tot en met 2027. De flexibiliteit verlegt de wettelijke verantwoordelijkheid van de fabrikant niet naar leveranciers.

Leveringsovereenkomsten kunnen de economische gevolgen wel verdelen. Volumes, introductiedata, technische wijzigingen, CO₂-gerelateerde productgegevens en de gevolgen van vertraagde leveringen moeten duidelijk worden geregeld. Een algemene clausule die iedere vlootafwijking aan een leverancier toerekent, houdt geen rekening met causaliteit, invloedssfeer en bewijs van schade.

Controlepunten voor fabrikanten en leveranciers

  1. Registraties en specifieke emissies voor 2025, 2026 en 2027 afzonderlijk vastleggen.
  2. Gewogen driejaarsscenario's voor verschillende voertuig- en aandrijfmixen berekenen.
  3. Poolingovereenkomsten toetsen op toegang tot gegevens, kosten, zekerheden en uittreding.
  4. Leveringsovereenkomsten afstemmen op volumes, introducties, wijzigingen en CO₂-gegevens.
  5. Interne verantwoordelijkheden voor vlootplanning, reguleringsgegevens en contractuele gevolgen vastleggen.

Gerelateerde analyses

Officiële bronnen

Dit artikel beschrijft de maatregel die op 19 juni 2025 is bekendgemaakt. De concrete berekening van de doelstelling hangt met name af van de status van de fabrikant, deelname aan een pool, nieuwe registraties, specifieke emissies en een eventuele afwijking op grond van Verordening (EU) 2019/631.

CO₂-vlootplanning, pooling en automotivecontracten beoordelen

Amerikaanse tarieven voor de rechter: IEEPA raakt autotarieven niet
De handelsrechter vernietigt de IEEPA-besluiten, maar het hoger beroep schorst het vonnis voorlopig. Section 232 vergt een aparte toets.